U bevindt zich op: Home Publicaties Onderzoeksrapporten 2016 05 Rapport bij de Nationale verklaring 2016

Rapport bij de Nationale verklaring 2016

De Algemene Rekenkamer geeft jaarlijks op Verantwoordingsdag een oordeel over de deugdelijkheid van de Nationale verklaring. In deze verklaring verantwoordt Nederland zich over gedeclareerde uitgaven voor Europese projecten. In ons Rapport bij de Nationale verklaring 2016 concluderen we dat de verklaring een deugdelijke kwalificatie geeft van het functioneren van de beheers- en controlesystemen van de in Nederland bestede Europese subsidies. Ook geeft de verklaring tot op het niveau van de eindbegunstigden een deugdelijke kwalificatie van de rechtmatigheid, juistheid en volledigheid van de financiële transacties. Over het geheel genomen is de verklaring deugdelijk tot stand gekomen.

Rapport bij de Nationale verklaring 2016 PDF, 2188 kB


Nationale verklaring

In de Nationale verklaring 2016 verantwoord het kabinet zich over € 1.492 miljoen aan gedeclareerde uitgaven. Dat geld wordt uitgegeven in de vorm van ‘fondsen in gedeeld beheer’ op uiteenlopende terreinen. De Nationale verklaring 2016 geeft een goed beeld: de beheers- controlesystemen bij vrijwel alle Europese fondsen functioneren voldoende. De gelden worden doorgaans rechtmatig besteed. Wel zien wij de volgende aandachtspunten:

  • Tijdig indienen van declaraties. Europese bijdragen kunnen mogelijk voor Nederland verloren gaan. De programma’s uit de periode 2007-2013 moet lidstaat Nederland namelijk uiterlijk in maart 2017 afsluiten. We dringen aan op het tijdig indienen van de laatste declaraties voor het Europees Fonds Regionale Ontwikkeling, het Europees Sociaal Fonds en het Europees Visserijfonds.
  • Interpretatieverschillen in regelgeving. Er zijn al een aantal jaren problemen in de samenwerking in het EFRO-veld vanwege verschillende interpretaties van de regelgeving. Ook bestaat er geregeld onenigheid over de diepgang waarmee de auditautoriteit controleert. De betrokken instanties doen er goed aan op korte termijn een nieuwe geschillenregeling in te stellen en hun werkafspraken te verbeteren. Zo kunnen zij beter samenwerken.
  • Meer aandacht voor toegevoegde waarde subsidiegelden nodig. Voor een goede (discussie over) verantwoording van Europese subsidies zou het percentage onrechtmatige uitgaven niet de enige maatstaf moeten zijn voor de vraag of de Europese Commissie haar geld goed besteedt. Uit de Nationale verklaringen van de afgelopen jaren blijkt dat het beheer en de rechtmatigheid van de Europese subsidies in Nederland in grote lijnen op orde zijn. Daarmee ontstaat wat ons betreft ruimte om meer aandacht te besteden aan de toegevoegde waarde van projecten en hier stappen te zetten.
  • Discussie over begrotingssystematiek. Het huidige systeem waarin landen voor een periode van zeven jaar geld krijgen toegewezen geeft een prikkel om per lidstaat zo veel mogelijk subsidie ‘binnen te halen’ (die vervolgens ook – een tweede prikkel - daadwerkelijk ‘moet’ worden uitgegeven). Dit leidt niet per definitie tot financiering van projecten die zo veel mogelijk waarde toevoegen.
  • Belang verantwoording en controle via Nationale verklaring. De Europese Commissie streeft naar een doelmatiger controle van de EU-subsidies en het verminderen van de controledruk. Wij vinden het van belang dat er transparantie blijft bestaan over problemen in het beheer en over de rechtmatigheid en de effectiviteit van de bestedingen. Om zulke ambities te realiseren moeten vooral lidstaten zelf stappen zetten. Nederland geeft – evenals Denemarken en Zweden – met de jaarlijkse Nationale verklaring hierbij het goede voorbeeld. Indien de Europese Commissie daadwerkelijk meer op resultaten gaat sturen, kan worden nagedacht over het opnemen van informatie in de Nationale verklaring over de effectiviteit van de EU-subsidies.
  • Controledruk en Nationale verklaring. Een Nationale verklaring kan ook de controledruk en daarmee verbonden administratieve lasten terugdringen: Europese controleurs kunnen steunen op controleurs die in de lidstaten de rechtmatigheid van de EU-subsidies beoordelen. In Nederland zijn hier al stappen gezet. De Algemene Rekenkamer maakt voor haar oordeel bij de Nationale verklaring – na een kwaliteitstoets - gebruik van de werkzaamheden van de Auditdienst Rijk.
  • Opname afdracht eigen middelen in Nationale verklaring. De EU ontvangt haar geld van de lidstaten in de vorm van afdrachten. Transparantie over die voeding - de zogenoemde ‘eigen middelen’ – is dan van belang. Hoeveel draagt Nederland jaarlijks af en is dat bedrag juist? Waarom moet Nederland naheffingen betalen? In de Resultaten verantwoordingsonderzoek 2015 bij het Ministerie van Buitenlandse Zaken constateren wij dat de toelichting op de mutaties van de EU-afdrachten ten opzichte van voorgaande jaren is verbeterd. In het Rapport bij de Nationale verklaring 2014 en het Rapport bij de Nationale verklaring 2015 hebben wij overigens de wens uitgesproken van het opnemen van deze afdrachten in de Nationale verklaring. Dan ontstaat er een integrale EU-verantwoording van de lidstaat, waarbij zowel de inkomsten (EU-subsidies) als uitgaven (afdrachten aan de EU) zijn opgenomen.

Reactie kabinet en nawoord Algemene Rekenkamer

Op 25 april 2016 ontvingen wij van de minister van Financiën een kabinetsreactie op ons conceptrapport. Het kabinet waardeert ons positieve oordeel over de Nationale verklaring 2016. Het kabinet is positief over de aanvullende zekerheid die ons rapport geeft bij het financieel beheer van en de rechtmatigheid over de EU-uitgaven in gedeeld beheer. Het kabinet neemt de aanbevelingen in ons rapport over en zal blijvende aandacht hebben voor de juiste besteding van EU-middelen om het huidige, positieve beeld te handhaven. Wij verwachten dat met de toezeggingen het kabinet ook in de programmaperiode 2014-2020 en daarna zal bijgedragen aan het bestendigen van een op hoofdlijnen ordelijk beheer van de Europese fondsen.


Stand van zaken

 

Volledige versie